Babs

0

Al vóór we op camino vertrokken afgelopen april, vroeg mijn vriendin Denise of ik haar getuige wilde zijn op haar bruiloft. Wanneer ze zou trouwen met haar liefde Jelle wist ze nog niet. Eerst wilden ze samen een huis kopen en gaan samenwonen, want daar was het nog niet van gekomen. We konden dus rustig op pad gaan, ze zouden niet trouwen vóór we terug waren. Ik vond het een enorme eer en was toen al opgewonden over het hele idee dit te mogen doen.

Twee dagen nadat we terugkwamen van onze tippel naar Santiago en Porto, ging ik bij Denise langs. Ik nam mijn taak als getuige serieus en wilde dus graag een speech houden ergens tijdens de bruiloft. De datum was inmiddels geprikt: op vrijdag 20 oktober zouden ze trouwen. Dan moest ik rap in de pen klimmen om een mooi verhaal te schrijven, maar daarvoor had ik wel wat input nodig; een interview zou me helpen. Dus met mijn laptop ging ik bij haar eten, en onderwierp ik haar en Jelle aan een spervuur van vragen. Ze vertelden me over het ontstaan van de liefde, de obstakels die ze moesten overwinnen, en de kracht van hun vertrouwen in een goede afloop. Het was een feest om hen zo te zien vertellen over wat ze leuk vonden aan elkaar, hoe ze hun leven samen voor zich zagen en waar ze het meest naar uitkeken in hun toekomst. We hadden een verrukkelijke avond samen, en ik had stof voor mijn verhaal.

Dat verhaal schreef ik in twee dagen uit, en toen belde ik maar eens met de trouwambtenaar. Want waar ergens in het plaatje paste ik eigenlijk, op die trouwdag? Zou ik misschien gedurende de ceremonie iets mogen zeggen? Trouwambtenaar Noor was ontzettend vrolijk en enthousiast, en deed mij een voorstel waar ik steil van achterover sloeg. ‘Zou je samen met mij de babs willen zijn die dag? Dat jij hen trouwt, en met de hamer slaat, en hen de akten voorlegt?’ Wat zeg je me nou? Kan dat zomaar? ‘Ja hoor, als ik erbij ben mag dat gewoon. Ik doe dat wel vaker. En ik denk dat Denise en Jelle het veel leuker vinden als jij hen trouwt dan wanneer ik dat doe. Jij bent hun vriendin, ik ben maar een trouwambtenaar die zij niet kennen.’

‘Ik vind het doodeng’, zei ik, ‘maar ik wil het dolgraag doen.’

De speech oefende ik bij Pieter en zijn moeder. De eerste keer barstte ik twee alinea’s voor het eind van mijn verhaal in janken uit. Ik vertelde het mijn vader. ‘Dat kan niet hoor, Marlies’, zei hij streng. ‘Je staat daar met een opdracht, je moet die op een professionele manier voldoen. Het draait niet om jou, en het is geen begrafenis.’ Daar had ie wel een punt natuurlijk. Dus ik oefende voor de spiegel, ik oefende voor Pieter, en ik oefende nog een keer voor Pieter en zijn moeder samen. De tranen bleven weg, het trillende kinnetje had plaatsgemaakt voor een glimlach. Dit kwam vast goed.

De dag voor de bruiloft schoot er, telkens als ik eraan dacht, een adrenalinestootje door mijn lijf, alsof er een klein inktvisje was dat telkens kleine inktshotjes losliet. Maar die avond vielen de zenuwen opeens weg, en die kwamen de volgende dag – de dag van de bruiloft – niet meer terug. Hoe was het mogelijk? We kleedden ons op ons paasbest aan, de speech ging uitgeprint in mijn clutch, en we reden door de stromende regen richting Paviljoen Puur in Diemen. Daar werd Denise aangekleed door haar moeder en liep Jelle te ijsberen door de gang. Denise had blijkbaar vertraging opgelopen bij de kapper dus die was een beetje gestresst, maar na een heel dikke knuffel ging het beter. Ze zag er betoverend uit in haar witte jurk en met kleine bloemetjes in haar haar, en haar twee dochters zagen er in hun roze bruidsjurken met sneakers eronder als stoere prinsesjes uit.

Met Noor ging ik vast naar de plek waar getrouwd zou worden, om de ceremonie even door te spreken

Toen de ceremonie begon, deed Noor eerst haar verhaal en kondigde mij toen aan. Sjonge, dit was toch wel bijzonder. Stond ik daar, als assistent-babs, in een heuse toga! Mijn verhaal ging van een leien dakje – dat oefenen wierp gelukkig zijn vruchten af – en ik hield het droog. Dat is gelogen: bij de allerlaatste zin brak ik. Maar dat mocht best. Ik gaf Denise en Jelle een dikke knuffel en voelde hoe zij net als ik stonden te trillen. Bij Denise gleed er een traan over haar wang. Heftig allemaal dit, maar ook zo verrukkelijk! Daarna begon het officiële deel.

Een dikke knuffel nadat ik mijn speech heb gegeven

Ik mag hen trouwen!

Daar ging ik: ‘Denise, neem jij aan tot je wettige echtgenoot, Jelle, en beloof je getrouw aan alle plichten te zullen voldoen die de wet aan de huwelijkse staat verbindt? Wat is daarop jouw antwoord?’ Het blaadje dat ik vasthield, trilde, en ik trilde gezellig mee. Wat ongelofelijk cool om dit te mogen doen! Daarna vroeg ik Jelle hetzelfde. Beiden zeiden godzijdank ja, en toen zei Noor: ‘Dan verklaren wij als beide babsen dat jullie officieel door het huwelijk aan elkaar verbonden zijn!’ En toen mocht ik met de hamer slaan en Jelle en Denise toestemming geven elkaar uitgebreid te zoenen. Dat lieten ze zich geen twee keer zeggen, ik moest zelfs ingrijpen om het gebeuren een beetje te beteugelen, haha! De getuigen kwamen naar voren om hun handtekeningen te zetten, ik mocht als laatste, en toen kreeg ik ook nog een officieel ogend BABS-certificaat onder mijn neus geschoven dat ik tekende. Ik was zomaar Buitengewoon Ambtenaar van de Burgerlijke Stand geworden en had keihard mijn lieve vriendin getrouwd!

Trots op mijn certificaat

De rest van de middag en avond verliep in één grote, gelukzalige roes. Zowel voor het bruidspaar dat liep te stralen, als voor mij die er stralend omheen draalde. Heerlijk gewoon.

Dus nu overweeg ik officieel BABS te worden. En dan mag je mij inhuren. Voor al uw feesten en partijen, maar vooral voor uw ja-woord tegen uw grote liefde. Lijkt me geweldig om te doen! Misschien ooit. Eerst maar eens nagenieten van deze heel bijzondere dag.

Foto’s: door fotograaf Gerben Pul. Behalve die hieronder. Die komen uit een masjien.

Er was een fotobooth dus daar moesten we natuurlijk even gekke bekken trekken

Over de schrijver

Marlies

Niets zo leuk als wandelen. Als ik wandel, voel ik me op z'n fijnst: mijn lijf aan de slag, mijn hoofd in de ruststand. Maar wat ik ook heel leuk vind, is schrijven. En op deze blog komen die beide passies samen: schrijven over wandelen. Dat dat hier kan, is een groot cadeau. En dat jij meeleest, is een minstens zo groot cadeau. Dus welkom op deze blog! Laat me vooral weten wat je vindt! Oh, en we hebben ook een account op Polarsteps, Facebook en Instagram. Mocht je exact willen zien waar we uithangen, of meer foto's bekijken en minder geouwehoer lezen. Kan allemaal :)

No reacties

Pim en zijn huisgenoten

Aan het eind van onze vier dagen durende tocht naar huis, staat een bezoek aan Pieters oom Pim op het program.