Op onze kamer in hotel Comodoro, midden in Portbou, horen we het ruisen van de zee als we wakker worden. Het is aangenaam buiten: iets van 22 graden en harde wind. Eigenlijk zoals het hoort als je aan zee bent. Na het heerlijke ontbijt vinden we direct het oude, vertrouwde rood-wit van de GR. We lopen over hoge traptreden door het dorp naar boven, en zodra we het laatste huis achter ons hebben gelaten, stijgen we verder over een stenig smal pad. Scherpe struikjes laten rode strepen achter op onze schenen. Langs het pad staat het vol met vijgcactussen en olijfboompjes. Achter ons verdwijnt het stadje Portbou, met zijn ongelofelijk grote treinstation, langzaam uit beeld. Een half uur na vertrek hebben we maar liefst één hele kilometer gewandeld en staan we 220 meter boven zeeniveau uit te hijgen. Een klim van formaat, zo blijkt: de stijging was 22%. We zijn wakker!

Daar gaan we heen
Zodra we de Col de Frare, zoals de col heet die we beklommen hebben, aan de andere kant weer verlaten en een bocht om draaien, zien we waar het vandaag om te doen is. Eerst Colera, een klein dorpje dat recht voor ons aan een klein baaitje ligt, en in de verte de witte huizen van Llança, onze eindbestemming. We weten waar we ons kompas op moeten richten.


In de verte zie je Llança al liggen
Na de prachtige bosomgeving van het Mullerthal is de openheid, de weidsheid, de wind en de ruigheid van deze kustlijn toch ook wel weer heel fijn. De afdaling naar Colera gaat over keien en rollende steentjes, dus het is opperste concentratie en de stokken goed vast. In Colera leidt de route direct weer het dorp uit, maar dat willen we niet; we slaan af richting het centrale plein. Dat blijkt een gouden greep: het is er druk met scholieren die op het stenen muurtje rond het plein zitten en allerlei oude mannetjes en vrouwtjes die bij het café waar wij ook neerstrijken een koffietje drinken. Een reusachtige plataan in het midden van het plein maakt het tot een prachtige Spaanse scène. We genieten zo!
Platja de Grifeu
Na Colera is het opnieuw steil omhoog, uit het dorp weg, terug de heuvels in. ‘Zo zal het deze hele GR wel gaan,’ zegt Pieter terwijl hij op zijn hurken zit om mooie plaatjes te schieten. ‘Omhoog voor de kliffen, omlaag voor de dorpjes.’ Ik hum terwijl ik weer even stil sta om de grillige kustlijn en de rotsachtige bergflanken in me op te nemen.

We passeren enkele baaitjes waar sommigen compleet naakt en anderen compleet gekleed liggen, en al gauw lopen we voorbij de eerste huizen van Llança. Een ouder mannetje spreekt ons aan op het Platja de Grifeu. ‘Wat zijn jullie aan het doen?’ We leggen uit dat we de GR92 aan het wandelen zijn. Hij vraagt waar we begonnen zijn, waar we slapen, kijkt afkeurend als we de naam van ons hotel noemen en zegt dat het gaat regenen. Oké, ouwe negativo, bedankt, of zo?

Lekker lunchen
Bij ons hotel, dat vol staat met de grappigste snuisterijen, kunnen we nog niet inchecken. Het is kwart over een. Ik vraag de receptioniste of ze een leuk restaurant kent voor een menú del día. Ze raadt El Vaixell aan. Daar aangekomen staat een oververhitte serveerster duizend bordjes hoog te houden in een tent die chique oogt. Kleren kleedjes, mooie wijnglazen, dames in prachtige kleding met hoge hakken aan. Er is zowaar plek voor ons, vlakbij de deur. Na ons worden mensen weggestuurd. Eén mevrouw blijft zelfs twintig minuten buiten wachten tot er een tafeltje vrijkomt, maar besluit dan toch eieren voor haar geld te kiezen. Wij snappen de populariteit van deze plek wel: het eten is zo ontzetttend lekker!

Als we om half vier inchecken en Pieter zijn foto’s bekijkt in onze heerlijke hotelkamer mét balkon, kunnen we niet anders dan concluderen dat het een geweldige dag was. Maar dat wisten we zonder die mooie plaatjes eigenlijk ook 😁
Slapen: Hotel La Goleta in Llança
Afstand: 11 km
Hoogtemeters: 322 meter omhoog, 331 meter omlaag

No comments