Op de boerderie in de Morvan

0

Nou ja, op de boerderie… Een échte boerderie is het niet, de heerlijke stek in de Morvan waar onze vrienden Alexandra en Mathijs wonen, althans niet een boerderij zoals je die misschien voor je ziet: een gigantisch woonhuis, enorme stallen ernaast, hectaren grond waar ofwel gewassen staan ofwel koeien, grote honden die de boel in de gaten houden. Maar aan de andere kant: wat maakt iets tot een boerderie? Alex en Mathijs telen hun eigen groenten, hebben kippen, bijen en katten, oogsten hun eigen fruit, bakken zelf brood, maken hun eigen yoghurt en fermenteren zelf hun zuurkool. Dan mag je je de titel boerderie toch wel toe-eigenen, niet?

We zijn er al vaak geweest in de afgelopen tien jaar en ik heb er ook al wel eens over geschreven. Nergens voel ik me zo fijn, zo’n buitenmens, zo alsof ik lucht krijg en tot rust kom als bij Alex en Mathijs. Er zit een bepaalde energie in dat huis, in die overweldigende tuin, in hun chemie en de manier waarop ze intens geïnteresseerd zijn in alles wat de wereld te bieden heeft.

Dit keer was ik erheen met mijn vriendin Leonoor. Alexandra, Leonoor en ik hebben elkaar leren kennen bij onze studentenvereniging Koko, toen we alledrie in Maastricht studeerden, nu bijna 35 jaar geleden. We zagen elkaar soms vaak, soms nauwelijks, en nu alweer een heel aantal jaren af en toe. Het is zoals het is met vriendschappen die al ver terug gaan: als we elkaar zien, is het als vanouds, warm en vertrouwd. Als we elkaar niet zien, weten we dat het goed zit. Aan alle kanten fijn.

Koeien op het pad

Een week voor we kwamen, had Alex zich verstapt in haar tuin. Resultaat: een verstuikte enkel. Lange wandelingen waren even geen optie, maar ja, wandelfanaten als we zijn moesten Leo en ik natuurlijk wel even de omgeving verkennen. Met zijn tweetjes liepen we naar Ouroux, waar we Alex en Mathijs zouden treffen die er met de auto heen gingen. Al snel na vertrek liepen we tegen een probleempje aan: koeien op het pad. Op zich word ik daar niet zo snel nerveus van, maar van deze kudde liep een deel links van ons, een deel rechts, en enkele liepen voor ons op het pad. We trokken ons terug, in de hoop dat de kudde eensgezind één veld zou kiezen en daar zou blijven.

Tevergeefs. Vijf minuten later stonden Leo en ik nog steeds met onze ogen die kudde tot een geheel te dwingen. Er zat geen enkele beweging in, behalve die malende kaken. Verder stonden ze ons lodderig aan te kijken. Met name de drie koeien voor ons op het pad waren problematisch. Als die voor ons uit zouden blijven lopen, waren Leonoor en ik degenen die hen ervan weerhielden terug te keren naar hun kudde. Een positie waar we liever niet in zaten. De oplossing: bellen met Mathijs.

‘Zijn ze link?’ vroeg ik hem.

‘Nou ja, dat kan als ze zich in het nauw gedreven voelen.’

Mmmm. Met de nervositeit die Alexandra heeft over de koeien hier in het achterhoofd, loer ik naar de beesten voor ons op het pad. ‘Hebben we een alternatieve route?’ Mathijs moest even denken, maar die bleek gelukkig voorhanden, al was ie minder mooi en een stukkie om. Dat hadden we er graag voor over.  Zonder kleerscheuren of afdrukken van horens in onze billen kwamen we een uur later aan in Ouroux.

Hier kunnen we weer lachen

Bloemetjes en bijtjes

Nadat we op de markt geitenkaasjes, stroopwafels van Gauffres d’Or en lekkernijen van een Tunesische marktkoopvrouw hadden gekocht, gingen we weer richting huis, waar we onszelf nuttig maakten in de tuin. Eén grote zoemende massa, overal waar je liep. Terwijl de hitte van de dag om ons heen zinderde (het was 41 graden) wees Alexandra me op wespjes met lange bungelende poten. Cartonnières (in het Nederlands papierwespen genoemd) knauwen met hun kaken lijntjes hout uit palen, vermalen dit en kotsen dit er als een soort pasta weer uit, waarmee ze hun nestjes maken. Die nestjes lijken daarmee van karton gemaakt; vandaar hun naam.

Het hardste gezoem dat we hoorden kwam van reusachtige zwarte insecten met een coole blauwige glans. Wat waren dat? Ze bleken dol te zijn op de bloemen van de knoflook en vlogen af en toe rakelings langs onze hoofden. Houtbijen, zei Alex. Solitaire beestjes die niet agressief zijn, vanwege hun uiterlijk vaak verward worden met kevers en echt mooi om naar te kijken. Zie maar eens:


Die knoflookbloem is zo groot als een vuist, dus dan weet je het wel 🙂

‘s Avonds zaten we op het hoge terras achterin hun tuin. Mathijs heeft dit terras eigenhandig van sloophout in elkaar gezet. Sinds kort prijkt er aan de voorkant van het huis een heuse serre/veranda die óók door Mathijs in elkaar is gezet. Hij slingert zelf honing, in een maanmannetjespak gestoken, en hakselt zelf zijn gerooide bomen. Maar toen er een insect per ongeluk via zijn kraag zijn t-shirt binnen gleed, zagen we een heel andere Mathijs. Hij sloeg met zijn armen om zich heen, paniek in zijn ogen, en met de stem van een gillende keukenmeid riep hij heel hard: ‘Aleeeeeeeeex!’ Zij keek met haar enkel op een verhoginkje vanaf de vloer van het terras naar hem op en zei droog: ‘Wat wil je dat ik doe?’

Leonoor en ik kwamen niet meer bij van het lachen.

Cyanotype

De volgende dag stond er iets heel anders op het programma: cyanotype. Ooit van gehoord? Alexandra, die als vrijwilliger in het lokale bibliotheekje werkt, had dit vorig jaar met kinderen gedaan en wilde weten of de chemicaliën nog wel werkten. Dus we zouden een paar proefjes doen. Cyanotype is een oude fotografische afdrukmethode waarbij je gebruik maakt van een chemisch proces van twee vloeistoffen die samen lichtgevoelig worden. Het is nu een typisch DIY-dingetje waar mensen de mooiste blauwe schilderijtjes mee maken.

In de ochtend hadden we al wat takjes, bloempjes, stampertjes en andere zaken verzameld en ‘s middags gingen we ermee aan de slag. Eerst je schatten op een geinige manier op je papiertje leggen. Als je tevreden was, moest je dit herhalen op het met chemicaliën ingesmeerde officiële papiertje. Uit de zon, in het donker eigenlijk, want die chemicaliën zijn lichtgevoelig. Daarna het papiertje met daarop je creatie in de zon leggen, hopen dat de wind er geen vat op krijgt want dan waait alles weg, en dan een kleine tien minuten wachten. Daarna door een waterbadje halen en voilà!

Eerst je creatie ‘droog’ oefenen

Daarna overdoen op met chemicaliën ingesmeerd papier en in de zon leggen

Langzaam verandert de kleur

Door het waterbadje

En dan hier het resultaat

Klaar! Met een dood vlindertje dat ik erop had gelegd

We mochten concluderen dat de chemicaliën zelfs na een jaar hun werk nog deden, en Leo en ik hadden weer iets nieuws geleerd. Zo leuk!

Die avond zegen we weer neer op het terras, waarvandaan we over de heuvels van de Morvan staarden terwijl de zon langzaam onderging. Een echt boerinnetje voelde ik me niet – het was echt te warm om in de tuin te werken – maar het was als altijd weer een verrukkelijk weekend op de boerderie!

Over de schrijver

Marlies

Niets zo leuk als wandelen. Als ik wandel, voel ik me op z'n fijnst: mijn lijf aan de slag, mijn hoofd in de ruststand. Maar wat ik ook heel leuk vind, is schrijven. En op deze blog komen die beide passies samen: schrijven over wandelen. Dat dat hier kan, is een groot cadeau. En dat jij meeleest, is een minstens zo groot cadeau. Dus welkom op deze blog! Laat me vooral weten wat je vindt! Oh, en we hebben ook een account op Polarsteps, Facebook en Instagram. Mocht je exact willen zien waar we uithangen, of meer foto's bekijken en minder geouwehoer lezen. Kan allemaal :)

No reacties