Chemin St. Guilhem: Navacelles – La Vacquerie, 20km

0

Toen we gister over de D-weg afdaalden richting Navacelles, hoorden we opeens wat gerommel van stenen. We keken achter ons en zagen hoe een stukje van een rotswand afbrak en over de steile helling naar beneden rolde. Een grote kei haalden we snel van de weg af, de rest van de steentjes lagen in de berm, die vormden geen gevaar. We zeiden tegen elkaar dat dat soort dingen hier geheid vaker gebeurt, en dat diep beneden in het dal een dorpje bouwen eigenlijk best een gewaagde operatie is. Hoe vaak zal het hier mis gaan?

Aardverschuiving

Vanochtend na het ontbijt – dat we genieten met onze mede-gasten Jacques en Geneviève – gaan we op pad. We dalen vanaf onze gîte het dorp in, als we de mensen tegenkomen die gister tijdens de klim een foto van ons maakten.

‘Waarom lopen jullie de verkeerde kant op?’ vraag ik hen. Ze houden halt. ‘Omdat de officiële route al twee jaar niet gebruikt kan worden vanwege een aardverschuiving.’

Ze pakken hun telefoon en laten ons zien welke route ze nu nemen. Waarom heeft Veronique, onze gastvrouw, daar niets van gezegd? ‘Is het echt helemaal niet doorgankelijk?’ vraag ik aan de vrouw. ‘Onze herbergier zei dat je er echt niet doorheen komt. We moeten boven langs.’ Ze groeten ons en lopen voor ons uit richting de bovenkant van het dorp, waar een pad zigzaggend tegen de bergflank aan naar boven loopt.

We volgen hen om aan Veronique te vragen hoe het zit. Dat blijkt niet nodig; vlakbij haar gîte zien we opeens een bordje hangen dat we gister compleet gemist hebben. Erop staat dat er inderdaad geen doorgang mogelijk is op het originele pad en dat we de QR code kunnen scannen voor een GPX-bestand. Twee minuten later hebben zowel Pieter als ik de juiste route in de telefoon. Wat een geluk dat we deze mensen tegen het lijf zijn gelopen!

Klimmend het keteldal uit

Het blijft een waanzinnig gezicht

St. Maurice de Navacelles

In St. Maurice de Navacelles, een dorpje dat zich op tien kilometer afstand van Navacelles bevindt, is een snack, zoals ze dat hier noemen. Een barretje. Maar dat barretje gaat pas om 12.00 uur open. We klimmen het prachtige keteldal van de Cirque de Navacelles uit en na drie kilometer wordt het pad plat. Moeiteloos wandelen we over het kalksteenplateau van Larzac naar St. Maurice. Daar zijn we al om 11.10 uur. Wat zullen we doen: eten we wat we in onze rugzak hebben (pinda’s, gedroogde ananas, mueslireep en een stukje chocola, mjam) of wachten we ruim drie kwartier tot dat tentje opent? We besluiten er in ieder geval een kijkje te nemen. Stel je onze blijdschap eens voor dat we er aankomen en we al onze Chemin St. Guilhem-vrienden op het terras treffen en het tentje zelf open?!

We bestellen een sandwich chèvre en een colaatje en zitten daar heerlijk. Jacques en Geneviève komen even langs voor een babbeltje, Richard en Isabel laten even zien wat voor mooie foto’s ze gisteravond hebben genomen van de maan in de Cirque de Navacelles, en zelfs de campingman haakt nog even aan. De campingman is een oudere pelgrim die als net als wij zijn eigen bagage draagt. Onder zijn rugzak hangt zo’n rol. Ik ga ervan uit dat daar zijn slaapzak in zit en dus kampeert deze man, vind ik. Vandaar de bijnaam campingman. ‘t Is allemaal zo makkelijk.

Deze Causse de Larzac is droog, maar biedt ook heel mooie vergezichten

Als enigen in de gîte

Richard geeft al aan dat de route van St. Maurice de Navacelles naar onze eindbestemming niet heel spannend is. Daar is geen woord van gelogen. Deze causse heeft net als de vorige een Amerikaanse vibe. We zien nog net geen rollend tumbleweed en ook Clint Eastwood is nergens te bekennen, maar het scheelt weinig. Als we een manage passeren met paarden die in stoffige zandbakken voor zich uit staan te staren, is het plaatje compleet. Om ons heen droge, dorre heuvels met her en der een struikje. Verder hoor je niets, geen verkeer, je ziet niets, behalve dat dorre land, en we lopen over asfalt dat zo heet is dat het door onze schoenzolen heen brandt.

Het is net of de Indian Summer hier al begonnen is

De thermometer wijst 36 graden aan als we om 14.30 uur bij onze gîte staan in La Vacquerie-et-Saint-Martin-de-Castries. Serieus. Zo heet ons dorp. Waren ooit twee dorpjes, toen gingen ze samen, en toen kregen ze dus deze heel erg lange naam. Ga ik nooit onthouden, maar dat maakt ook niet zoveel uit. Bij de gîte, met de bijzondere naam Pouss’Combe, die er nogal dicht uitziet, hangt een bordje: bel dit nummer. Ik doe dat braaf. De mevrouw aan de andere kant van de lijn heeft geen enkel idee waar ik het over heb. Welke reservering? Wie ben ik? Waar sta ik dan nu? Snel wordt duidelijk dat mijn reservering niet doorgekomen is. Heeft u dan wel plek? Jazeker is er plek! We mogen naar binnen (in zo’n dorp doen ze niet aan sleutels. Heerlijk) en krijgen de opdracht op zoek te gaan naar de deur met de schildpad erop. Gevonden! Een opgemaakt tweepersoonsbed, een grote badkamer, ons eigen balkon. Wat een geluk!

Le désert

Een half uur later komt Rachel, de uitbater langs. Het blijkt dat we in ons eentje in deze reusachtige gîte verblijven vannacht. Alweer! Morgen, op onze laatste wandeldag, zullen we niets, maar dan ook helemaal niets tegenkomen, zo vertelt ze ons. Nog geen waterpunt. Nog geen picknickbank. ‘Juste désert,’ zegt ze. Alleen maar woestijn. Ze raadt ons aan vanmiddag bij de épicerie, die de ruime openingstijden heeft van 17 tot 19 uur en niet open is op zaterdag en zondag, ons ontbijt en onze lunch voor morgen in te slaan. Is er morgenochtend niets open hier dan? De bar hiernaast? Die épicerie? Het campingwinkeltje verderop in de straat? Ze schudt haar hoofd. Niets. Ik wil er niet aan denken wat je moet doen als je hier dus op zaterdag of zondag aankomt, maar dat is dan waarschijnlijk een dieet van pinda’s, gedroogde ananas, een mueslireep en een stukje chocola.

Zo’n dieet hoefde vandaag niet, en morgen evenmin, want wij zijn hier op woensdag. Wat een geluk 🙂

Hoogtemeters: 420m omhoog, 140m omlaag

Slapen: Gîte de Pouss’Combe Alles in en rond deze gîte staat in het teken van wandelen met een ezel. Dat is hier blijkbaar een enorm ding. Hopelijk zien we die schattige beesten straks nog ergens in dit woestijndorpje.

Kosten: 30 euro per persoon voor een tweepersoonskamer

PS Vind je het leuk om onze nieuwsbrief te ontvangen? Laat maar weten, dan sturen we je eens in de zoveel tijd een overzicht van een aantal posts.

PS II We zijn ook te vinden op Instagram, mocht je geen genoeg van ons krijgen.

About author

Marlies

Niets zo leuk als wandelen. Als ik wandel, voel ik me op z'n fijnst: mijn lijf aan de slag, mijn hoofd in de ruststand. Maar wat ik ook heel leuk vind, is schrijven. En op deze blog komen die beide passies samen: schrijven over wandelen. Dat dat hier kan, is een groot cadeau. En dat jij meeleest, is een minstens zo groot cadeau. Dus welkom op deze blog! Laat me vooral weten wat je vindt! Oh, en we hebben ook een account op Polarsteps, Facebook en Instagram. Mocht je exact willen zien waar we uithangen, of meer foto's bekijken en minder geouwehoer lezen. Kan allemaal :)

No comments