Dag 164 Camino Portugues: Baiona – Oia, 21km

0

Als we vanochtend Baiona uitlopen via de boulevard langs de kust, staat de maan nog in volle glorie aan de hemel. Letterlijk: een reusachtige volle maan die naarmate we langer lopen verder richting zee zakt en moeilijker te zien wordt. Tot de zon haar gezicht laat zien, boven de bergen uitpiept en lange schaduwen vóór ons werpt. We lopen op de PO-552, een brede weg die de gehele kustlijn volgt, en die aardig rustig is. We delen het pad met fietsers, maar iedereen is vriendelijk, vrolijk en respectvol naar elkaar toe, dus geen centje pijn. De zee beukt soms zo hard op de rotsen dat het klinkt alsof er door een kussen heen een kanon wordt afgeschoten. We gaan nergens echt de hoogte in en blijven dichtbij de kustlijn. Alles wat er gebeurt valt dus in het oog. Meeuwen die zichzelf wassen in ondiepe poeltjes tussen de rotsen, kleine kwikstaartjes die elkaar al dansend door de lucht achterna zitten, aalscholvers die als minuscule onderzeeërs alleen met hun koppie boven water uitkomen. Musjes die op de elektriciteitsdraden zitten en lijken te vergaderen zo druk zijn ze. ‘Er is hier een mussenconferentie gaande’, bromt Pieter regelmatig als het gekwinkeleer vanuit de lucht of een dichte struik oorverdovend is. We zien veel hoornaars (te veel als je het mij vraagt), af en toe een vlindertje, paardenvliegen en de verdwaalde kever. Er staan borden langs de weg die waarschuwen voor overstekende herten, maar het lijkt me toch stug dat die vanuit de bossen links van ons zo de rotsige kust rechts van ons opspringen. Nou ja, het zal geheid een keer gebeurd zijn, anders waren die borden er vast niet neergezet.

Na acht kilometer is ons ontbijt van yoghurt met appel, banaan en noten verbrand en hebben we behoefte aan wat te eten en even de voetjes te rusten leggen. We zien een bord voor ‘Camping Mougas/Albergue Solidario’ zo’n 50 meter de verkeerde kant op en besluiten dat we die 50 meter extra wel aankunnen. Een Duitse jongen die er net vandaan komt, vertelt blij hoe heerlijk hij er geslapen heeft en dat het een top tent is. Top is altijd goed. Een meisje dat we aanzien voor pelgrim blijkt er te werken en maakt ons een heerlijk kopje koffie en een tostada. We zien helaas de zee niet vanaf het terras waar we zitten door bungalowtjes die onder ons staan, maar we horen wel het geruis, als een geruststellende ademhaling. Die Duitse jongen heeft niet gelogen, dit is een heel fijne plek. We blijven er wat langer zitten dan gepland, maar dat is prima. Vandaag hoeven we maar 18 kilometer.

De vuurtoren Faro Silleiro, met zeemist eronder. Magisch toch?

De PO-552 is inmiddels wat drukker geworden. Op het moment dat het fietspad wat versmalt, worden pelgrims meteen parallel lopende straatjes en paden op geleid dus nergens wordt het gevaarlijk. Er hangt tegen de heuvels links van ons en soms ook over de weg een zachte zeemist, die onze bril viezig maakt maar prachtige plaatjes oplevert.

 

De zeemist die boven Oia hangt

Als we na onze tweede pauze een man onze kant op zien strompelen, spreken we hem aan. Het blijkt een Fransman te zijn die geen woord over de grens spreekt (best onhandig lijkt me, want wie spreekt hier nu Frans?) en die er geen zak aan vindt allemaal. Hij is erg moe, vindt al dat asfalt maar stom, vindt dat de camino niet genoeg langs de kust loopt en baalt van alle dorpjes waar hij doorheen geleid wordt. ‘In Portugal is het best oké’, zegt hij bozig, ‘maar hier is niets aan.’ Ik wou dat ik hem kon zeggen dat het vanaf nu allemaal beter wordt, maar wij weten dat hij nog één dag aan de kust in het verschiet heeft – over 80% asfalt – en dat daarna de route landinwaarts draait en het vele malen drukker wordt. Arme man, hoe kunnen we hem een beetje opvrolijken? Ik hoop maar dat het feit dat hij even vijf minuten in zijn moerstaal met iemand kan praten al een beetje helpt, en met een ‘bon courage!’ zwaaien we hem weer op weg.

Een half uur later zien we twee paarden in een wei, waarvan er één zijn ooggordijntje onder zijn kin heeft hangen. Dat hebben we eerder gezien! Ik probeer het paard mijn kant op te lokken zodat ik hem kan helpen, maar hij geeft geen sjoege. Op dat moment komt er een vrolijke vent aangewandeld die mij in het Nederlands tegen dat paard hoort kleppen, en hij komt erbij staan. Ik leg hem uit wat ik aan het proberen ben, en we raken aan de praat met deze Arno uit Hilversum. Hij heeft in 2020 zijn eerste camino gelopen vanuit huis naar Santiago en kwam toen welgeteld vier pelgrims tegen tussen Hilversum en St. Jean-Pied-de-Port! Nu vinden wij het lekker als het een beetje rustig is met pelgrims op het pad, maar zó rustig is misschien ook een beetje saai. Het was natuurlijk midden in het eerste coronajaar, dus dat hij de tocht überhaupt heeft kunnen volbrengen mag al een wonder heten. Daarna volgden nog een paar camino’s en nu is hij begonnen in Lissabon. Anders dan de chagrijnige Fransman is Arno heel enthousiast over de route. ‘Maar er zijn twee kustroutes hè? Eén gaat veel verder landinwaarts, de ander is nauwelijks aangegeven maar die volgt de kustlijn op de meter. Die moet je hebben. Práchtig!’

Als we iemand gaan geloven over de rest van onze route, dan is het deze Arno. De kustlijn strak volgen, dat is de tip van de dag. We lopen de laatste kilometer naar Oia en komen binnen op een autovrij weggetje langs het indrukwekkende Monasterio Santa Maria de Oia, een voormalig cisterciënzer klooster gebouwd in 1137. Het is zo te zien gesloten dus wij lopen verder richting onze accommodatie van vandaag, Casa Puertas. Op de deur hangt een briefje dat je je moet melden bij het gebouw met de drie balkons, maar dat kunnen we niet vinden. Ik bel dus het nummer van de Casa en hoor boven me een telefoon overgaan. Ah, hier zijn de drie balkons! Een vrouw met kort zwart haar stapt het hoogste balkon op en roept ‘Voy!’ Een seconde later is ze beneden en opent de deur van Casa Puertas. Ze checkt onze paspoorten, vraagt ons dan onze tassen te laten staan en neemt ons mee naar een ander gebouw, aan de overkant van de straat. Ze opent een deur, nog een deur, en dan staan we in de grootste tuin ooit gezien die bijna helemaal naar zee toe loopt! Een waslijn vol was hangt tussen twee bomen gespannen en er zijn allerlei zitjes. Wat een prachtige plek om straks een boek te lezen!

Het Monasterio Santa Maria

Dan neemt ze ons mee terug, langs de receptie. ‘Hier ontbijten jullie morgen’, en ze laat ons een enorme balzaal zien. We lopen een volgende ruimte binnen. ‘Dit is de salon.’ Opnieuw een enorme balzaal. Wat is dit voor gigantisch huis? ‘Hier gaan we naar boven, jullie hebben kamer 4.’ Ze opent de deur van onze kamer: natuurlijk een enorme balzaal. ‘En dit is jullie badkamer.’ Je raadt het al: een balzaal van een badkamer! Deze casa is gebouwd in 1699 en is recentelijk omgezet in een toeristenaccommodatie, waarbij ze de charme en eenvoud van het oude huis hebben gerespecteerd. Je ziet overal van die mooie porseleinen stopcontacten en lichtknoppen, en het stikt er van de oude elementen en snuisterijen. Het is zo’n fantastische plek! We hoeven morgen maar 13 kilometer dus we hebben gevraagd of we ons ontbijt om 9.00 uur mogen. Dat mag! Dat betekent uitslapen in deze heerlijke kamer met het geruis van de zee om bij te snoezelen. En daarna is het strak langs de kust naar A Guarda, op advies van Arno. Gaan we doen.

Dit is het huis waar we slapen…

Balzaal!

Balzaal!

Stijgen en dalen: 297 m omhoog, 288 m omlaag.

Slapen: Casa Puertas. Een pracht van een B&B, in een oud huis uit de zeventiende eeuw. Modern, fijn, met de oude stijl in ere gehouden. Kost 60 euro voor een kamer, 10 euro per persoon voor een – op papier althans – geweldig ontbijt. De tuin alleen al is het geld waard! 🙂

Over de schrijver

Marlies

Niets zo leuk als wandelen. Als ik wandel, voel ik me op z'n fijnst: mijn lijf aan de slag, mijn hoofd in de ruststand. Maar wat ik ook heel leuk vind, is schrijven. En op deze blog komen die beide passies samen: schrijven over wandelen. Dat dat hier kan, is een groot cadeau. En dat jij meeleest, is een minstens zo groot cadeau. Dus welkom op deze blog! Laat me vooral weten wat je vindt! Oh, en we hebben ook een account op Polarsteps, Facebook en Instagram. Mocht je exact willen zien waar we uithangen, of meer foto's bekijken en minder geouwehoer lezen. Kan allemaal :)

No reacties

Dag 40 Zamora, rustdag

Terwijl we op zoek zijn naar nieuwe sokken, krijgen we het leuke nieuws dat ons boek is gerecenseerd. En hoe!