Chemin St. Guilhem: l’Espérou – Le Vigan, 20km

0

Aangezien Philippe niet voor ons kan koken, zoeken we zelf naar een restaurant in l’Espérou. Dat is vrij eenvoudig: er is geen keuze. Op deze mooie zondagavond is alleen Hotel du Parc open. We lopen er binnen om zeven uur – vinden we zelf al rijkelijk laat – en zijn de eersten. Gelukkig komen er al snel vier mensen naast ons zitten. Tot onze verbazing zijn het Nederlanders. We krijgen alle zes de neiging te gaan fluisteren, dus blijkbaar zitten zij net zo min op een praatje met ons te wachten als wij met hen.

Wie wél zin hebben in een praatje, zijn Richard en Isabelle. Richard is de man die ons in het hotel in La Canourgue, op de avond van de eclips, vertelde dat de etappe van de dag erna de mooiste van de Chemin zou zijn. Ik heb me nog vaak afgevraagd of ik hem nou verkeerd begrepen had, want wij vonden die etappe niet echt spectaculair. Nu kwamen ze even bij ons aan tafel staan. We wisselden we ervaringen uit, en ik vroeg hem ernaar. ‘Nee,’ zei hij hoofdschuddend, ‘ik bedoelde niet de mooiste etappe, ik bedoelde de zwaarste.’

Oké. Dat is ook een mogelijkheid.

Wilde zwijnen

Vanochtend ontbijten we weer in Hotel du Parc – want geen andere optie – en daarna begint de dag. Het is een heerlijke zeventien graden en we stijgen licht over asfalt. Na een bocht zie ik beneden in het veld twee honden spelen. ‘Zacht praten,’ zeg ik tegen Pieter, ‘als ze ons horen komen ze vast op ons af.’ Ik ben nog niet uitgesproken of een blaffende hond komt omhoog gerend en achtervolgt ons op de weg. Waar we normaal gesproken doen alsof we gek zijn en stug door blijven lopen, draait Pieter zich nu om. ‘Hé!’ roep hij hard en hij wijst naar de hond. Die draait zich vliegensvlug om en rent met zijn staart tussen de benen weg. Ha! Dat zijn de betere ontdekkingen. Vanaf nu weten we wat ons te doen staat.

In de ochtend wandelen we weer in het bos

Even later begint de afdaling. We moeten vandaag in een kleine achttien kilometer tijd bijna twaalfhonderd meter afdalen en daar beginnen we nu al mee. Voor het eerst deze reis zien we wildezwijnsporen op het pad: omgewoelde aarde, omgerolde keien en losgetrokken wortels. Volgens Philippe stikt het hier van die beesten, die naar het schijnt wel 130 kg kunnen wegen. ‘Ze komen wel eens hier in de tuin,’ vertelde hij gister, ‘om framboosjes te eten. Weet je wat ik dan doe?’

‘Binnenblijven?’ opper ik.

‘Dan schiet ik ze neer! Pour le repas!’ Hij likt zijn lippen erbij af.

Oké. Dat is ook een mogelijkheid.

Even iets anders

Ergens rond het middaguur breken opeens de bossen open en lopen we tussen brem en kleine kastanjeboompjes over een smal keienpad naar beneden. Het is opperste concentratie, maar af en toe gaan we wel even stilstaan om van het uitzicht te genieten. Eindelijk even geen boomstammen die het beeld bepalen, maar glooiende groene bergen zo ver als het oog reikt. Het lijkt wel of er in Frankrijk niets anders te halen valt dan glooiende groene bergen.

Hier houden we even pauze. Eindelijk uitzicht!

Dit is nog eens mooi afdalen

Het duurt een hele tijd maar dan belanden we toch weer in het bos. Alleen is het hier wel heel erg mooi. Moet je kijken namelijk:

Woudreuzen aka mammoetbomen! Er staan er hier een stuk of vijf, ieder zo indrukwekkend. Het zijn sequoiadennen.

Ik móet hem gewoon even knuffelen

Pieter kiest er een uit met klimop langs de stam

Na een pauze bij een café dat La Pause heet, dalen we verder af. Intussen hebben we al een kleine duizend meter afgedaald en zijn mijn knieën er goed klaar mee. Pieter qi gongt erop los maar hier is alle magie van de wereld nog niet tegen opgewassen. Gelukkig ontwaren we tegen vier uur in de middag (intussen is het toch weer 32 graden geworden) Le Vigan, waar onze accommodatie ligt.

Bij La Pause in het dorpje Aulas is het fijn toeven

Het ligt er ook zo leuk, tussen de platanen

Even iets uit mijn schoen halen. Kan hier gewoon midden op straat 🙂

La Résidence Viganaise

Ik heb er hoge verwachtingen van. Het heet La Résidence Viganaise. Nou, met zo’n naam kan het niet stuk, toch? Jawel hoor, dat kan het. We zijn in shock als we bij de voordeur aankomen, en zo mogelijk nog meer als de eigenaar ergens uit een kamer komt wandelen. Vieze kleding, twee tanden in zijn mond, dik, onverzorgd. Gatverredamme. ‘Goed aangekomen?’ vraagt hij ons. We knikken allebei, te flabbergasted dat deze gore plek La Résidence Viganaise heet om iets terug te zeggen. Godzijdank is het diner niet bij hem binnen, maar in het restaurant van zijn broer, vier minuten wandelen van hier. We mogen zelf ons bed opmaken, ik vind enkele schaamhaar-gelijkende haartjes op het laken, en van de geur van de handdoek moet ik bijna kokhalzen.

Oké. Zo’n accommodatie is dus blijkbaar ook een mogelijkheid.

Toen we dit zagen, wisten we dat we onze verwachtingen moesten bijstellen…

Hoogtemeters: 1153m omlaag, 200m omhoog

Slapen: La Residence Viganaise. Doe het niet!

Kosten: 60 euro per persoon voor demi-pension

PS Vind je het leuk om onze nieuwsbrief te ontvangen? Laat maar weten, dan sturen we je eens in de zoveel tijd een overzicht van een aantal posts.

PS II We zijn ook te vinden op Instagram, mocht je geen genoeg van ons krijgen.

About author

Marlies

Niets zo leuk als wandelen. Als ik wandel, voel ik me op z'n fijnst: mijn lijf aan de slag, mijn hoofd in de ruststand. Maar wat ik ook heel leuk vind, is schrijven. En op deze blog komen die beide passies samen: schrijven over wandelen. Dat dat hier kan, is een groot cadeau. En dat jij meeleest, is een minstens zo groot cadeau. Dus welkom op deze blog! Laat me vooral weten wat je vindt! Oh, en we hebben ook een account op Polarsteps, Facebook en Instagram. Mocht je exact willen zien waar we uithangen, of meer foto's bekijken en minder geouwehoer lezen. Kan allemaal :)

No comments